Parochienieuws 20 december - januari 2011

KERSTMIS : Hemel op aarde

 

Het heeft er alle schijn van dat we door het kerst ´feest´ onszelf gaandeweg steeds meer tekort hebben gedaan. Het karakter van luxe eten en drinken en cadeaus is niet meer het gevolg van de blik op de geboorte van de Christus, de Zoon van God. Het hemel-op-aarde karakter dat werd bezongen door de engelen aan herders en wijzen zijn we kwijt. We missen mogelijk de eenvoud van de herders of de wijsheid van de magiërs daartoe. In onze waan dat we de wereld zelf kunnen maken (en laten we eens eerlijk ernaar kijken wát we ervan maken) kijken we voorbij aan een Schepper en Redder. De zo begeerde wens om ´lief te hebben en te worden bemind´ verkeert in schraal weer.

Misschien omdat er grote verwarring bestaat doordat jonge mensen menen te begrijpen dat liefde gelijk is aan seksualiteit. Wanneer je op die gedachte je leven inricht, kom je er vaak bedrogen uit.

Je kunt er urenlang over discussiëren, er boeken over lezen of schrijven, zonder dat je er als mensen samen uitkomt.

Omdat we niet meer geënt zijn op de GOD DIE LIEFDE IS.     Hij zond ons Jezus als gesprekspartner, maar wie spreekt nog persoonlijk met Hem?

Hij zond ons een voorbeeld in doen en laten, in spreken en zwijgen, maar wie kijkt nog naar Hem?

Daarom wordt het elk jaar Kerstmis: Om mensen de kans te geven God in beeld te krijgen en weer verliefd te worden op de gedachte: Ik hoef het niet allemaal zelf te doen. Ik heb een vriend.

Of een vriendschap beleefd wordt kunnen we makkelijk waarnemen: geliefden zoeken elkaar en zoeken elkaars nabijheid.

In de kerk is de ´Mis` de plaats daarvoor.

Daarom is het een vraag aan de lezer: Wat viert u? KerstMIS of kerstFEEST? De zondagse Eucharistie en de bezoekers ervan laten zien of er mensen op God verliefd zijn geraakt en in die liefde willen volharden, om de ware liefde weer een kans te geven.

Deken Th.v. Galen  

 

“Wat zonde toch…!”

 

U en ik, we horen het vaak horen zeggen. In veel gevallen klinkt deze opmerking als er iets kapot is gegaan wat voor mensen nuttig of kostbaar is. Er valt iets kapot bijvoorbeeld. Men verzucht dit ook wanneer een plotse verandering zich voordoet die onverwacht ons voor nieuwe opgaven plaatst. Iemand die zich bedankt voor een bestuursfunctie terwijl deze actief goed bezig was. Wat zonde dat hij/zij opstapt….

Mensen houden mijn denken daarmee scherp: Is dit wel zonde? Nee, is dan vaak het antwoord. Het is jammer of vervelend of lastig. Maar geen zonde…

En wat vaak werkelijk zonde is…daarvoor zijn we blind geworden. Omdat we dit niet herkennen, komen wel steeds meer de vruchten boven drijven in onze maatschappij, juist omdat we alleen nog een collectieve schuld kennen, niet of nauwelijks een persoonlijke schuld. En wie zich niet schuldig voelt, betert zich niet. En wat niet verbetert, zorgt voor verslechtering…

Toen in het Evangelie iemand betrapt was op zondig gedrag zei Jezus 2 dingen. Allereerst tegen de aandragers van de zondares: Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen (men wilde haar immers stenigen) en eenieder droop af (de mannen hadden zelfkennis!). Vervolgens tegen de vrouw: Vrouw ga heen en zondig niet meer. Er ontstond weer hoop voor haar en de mannen kregen thuiswerk nadat ze weer eens in het eigen hart hadden kunnen kijken.

De praktijk van de kerk over zonde, boete en schuld heeft in onze streken afgedaan. En dat heeft zeker ook te maken met de manier waarop nog in de jaren ‘50 en ‘60 van de vorige eeuw daar mee werd omgesprongen.

De angst welke we voor God kregen doet géén volledig recht aan Gods Liefde en Goedheid en Barmhartigheid. Niet meer bevrijd worden van schuld (een strafblad uitzitten via de rechter helpt toch niet werkelijk gezien de praktijk in het leven) zorgt ervoor dat mensen belast en beladen door het leven gaan en zich verdoven met ijdelheid, hoogmoed, eigendunk. Of ze zoeken vertier in vakanties, feestjes of koopgedrag, terwijl weer anderen grijpen naar tal van kalmeringsmiddelen.

(Waarbij ik niet wil zeggen dat elke persoon die iets slikt dat doet omwille van miskende zondigheid!)

Waar een kerk nog functioneerde op dit, kregen mensen weer een nieuwe kans. God is groter dan ons hart…zeker als de mens zich realiseert wat hij bidt in het Onze Vader: Vergeef ons onze schuld, zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven…

Hoe vaak zijn we niet het slachtoffer van het hardvochtig gepraat van mensen over een ander…ook u zult wel eens vaker denken: “Ach, de pot verwijt de ketel dat hij zwart ziet”… Terwijl ieder de handen vol heeft aan zijn of haar eigen bekering.

Of zoals we onlangs de zuivering meekregen van de Tweede kamer: Ieder met een strafblad - (niet alles wat de rechter bestraft is tevens zonde… Denkt u maar aan het woord van de kerk dat stelen van brood in geval van erge honger niet altijd zonde moet zijn) - is eigenlijk onacceptabel om bestuurder te kunnen zijn.

Alleen een nieuwsredactie achtte zich ontheven van zulk een onderzoek en de conclusie eraan verbonden.

Ik ben bang dat we de gekste zaken gaan tegen komen als we zo met zonde en schuld moeten omgaan. Dé kerk zelf geve het voorbeeld natuurlijk, en daar hebt u gelijk in.

Maar waar de onbarmhartigheid van de mens gaat zegevieren, zal de mens dronken worden van dorst naar Gods barmhartigheid.

Zoeken