Drie Koningen

Vandaag leest de priester in de kerk over de Drie Koningen die op zoek naar Jezus gingen.

Je weet vast en zeker wel dat we met Kerstmis gevierd hebben dat het Kindje Jezus geboren is in een stal in Bethlehem. De eerste mensen die op “kraamvisite” mochten komen waren de herders. dat waren hele arme en eenvoudige mensen.
Vandaag horen we dat ook koningen naar Jezus gaan! Dat waren wijze, hele belangrijke en rijke mannen. Ze wisten veel over sterren en ze hadden in oude geschriften gelezen, dat een heldere ster een teken zou zijn dat de Messias / een Koningskind geboren was.
Toen ze de ster hadden gezien, hebben ze hun paleizen verlaten om het Kind te gaan zoeken. Ze volgden de ster die voor hen uitging en kwamen na een hele lange reis bij de stad Jeruzalem. Ze meenden dat een Koningskind alleen in een paleis geboren kon zijn. Daarom gingen ze koning Herodes in Jeruzalem vragen waar het Koningskind was. Maar Herodes wist van niets en zijn schriftgeleerden stuurden de koningen naar Bethlehem.

Toen ze buiten de stad gekomen waren zagen ze opeens de ster weer. Wat waren ze blij, want de ster ging voor hen uit tot op de plaats waar  Maria, Jozef en Jezus waren.

De koningen zagen het kindje Jezus en vielen op hun knieën! Stel je dat eens voor: Die grote belangrijke, rijke en wijze mannen gingen op hun knieën!! Ze maakten zich klein omdat ze wisten dat Jezus de Koning van alle koningen is.
Natuurlijk hadden ze ook wat meegebracht; echte koningscadeautjes: ze gaven goud, wierook en mirre. Goud voor Jezus als Koning, wierook om Jezus als Zoon van God te heiligen; mirre een dure “zalf” tegen pijn. (Aan welke pijn van Jezus doet jou dat denken?)
 
Welke cadeautjes hebben wij voor het Koningskind? Maken wij ons ook wel eens klein, om een ander groot te laten zijn / om een ander vóór te laten gaan?
Of voelen wij ons zelf een koningskind dat altijd op de eerste plaats moet komen?
 

 

 

Terug naar het overzicht met verslagen van de kinderwoorddienst

Zoeken