deel 4. De Wijzen uit het Oosten


DSC 0074Jeruzalem.


Toen Jezus in Betlehem geboren was, was koning Herodes koning van Judea. Wanneer er wijzen uit het oosten bij hem op bezoek komen en vragen waar zij de pasgeboren koning van de Joden kunnen vinden schrikt hij heel erg. "Wij hebben zijn ster in het Oosten gezien en zijn gekomen om Hem onze hulde te brengen", laten de wijzen Herodes weten.

Lees meer: deel 4.  De Wijzen uit het Oosten

Kerststal 2012 in de Pancratiuskerk

DSC 0056



         
  deel 3. Betlehem


   In die dagen kwam er een besluit van keizer  Augustus, dat er een volkstelling moest  gehouden worden in heel zijn rijk. Iedereen ging op reis naar zijn eigen stad om zich te laten inschrijven......(.) Ook Jozef trok op en omdat hij behoorde tot het huis en geslacht van David, ging hij van Galilea uit de stad Nazaret naar Judea, naar de stad van David, Betlehem geheten, om zich in te laten schrijven, samen met Maria, zijn verloofde, die zwanger was. (uit het evangelie volgens Lucas)
                                                                                                                    

Kaartje reis Bethlehem                                                                                        
 











Het was een hele reis van Nazaret naar Betlehem. En erg comfortabel was de tocht waarschijnlijk ook niet. In die tijd was het heel gebruikelijk om op een ezel te reizen.
Betlehem ligt op een lage, maar steile bergkam in de rotsachtige heuvels, net ten zuiden van Jerusalem.











Er was geen plaats in de herberg voor Jozef en Maria, toen Jezus geboren moest worden.. Daarom zochten en vonden zij onderdak in een stal, die voor dieren bedoeld was. Er staat in de bijbel dat Maria haar pasgeboren kind in doeken wikkelde en in een kribbe neerlegde. Een kribbe is een voerbak voor de dieren.

DSC 0058













Op het kleine bordje, links naast de deur, staat het echt: geen plaats






Werk in uitvoering in onze kerststal...........

DSC 0060

                DSC 0065         














                                                                                   Betlehem

De Beiaardier over het carillon

IMG_6839_SmallDag Frank,
nu heeft in de afgelopen jaren de kerk een flinke opknap beurt gekregen en we zijn natuurlijk blij dat nu het carillon ook nog onderhanden genomen kan worden. Hoe is dat nu voor jou, als beiaardier? Is dat iets wat gewoon gedaan wordt en je ziet het wel, of hoe intens ben je daarbij betrokken?
Als beiaardier ben ik vrij intens betrokken bij de werkzaamheden, vanaf de eerste planning tot en met de afstelling van het instrument. Samen met dhr. Oldenbeuving van de Katholieke Klokken- en Orgelraad hebben we tevoren een gedetailleerd bestek gemaakt waarop verschillende klokkenfirma's konden inschrijven. Ook wanneer ik niet in Heerlen ben, bv. op tour met Andre Rieu, hou ik intens contact met de mede-adviseur en de klokkengieterij over elk aspect van de restauratie.
Iedereen in het centrum weet en hoort regelmatig een deuntje uit de toren komen maar kan zich, waarschijnlijk, niet goed een beeld vormen van dit instrument. Met wat is het te vergelijken? Gewoon een klokkenspel waar je met wat hamers een melodietje op timmert of heeft het ook gevoelige “snaren”? Hoe zou je het willen omschrijven?
IMG_2541_Small





Het is te vergelijken met een orgel, in die zin dat het met handen en voeten bespeeld wordt. Maar de klepels van de klokken zijn zo zwaar dat je ze niet met je vingers kunt bespelen. Daarom heeft een carillon houten toetsen die je met je vuisten bespeelt. De dynamiek (hoe je hard en zacht kunt spelen) van een carillon is enorm: als ik hard sla dan kan ik evenveel geluid produceren als een straaljager, als ik de toetsen zachtjes indruk kan ik de klokken echt fluisterzacht laten klinken. 

Is dit, ons carillon, eigenlijk een standaard instrument of heeft het iets wat het bijzonder maakt?
Het is een instrument gebouwd in de jaren '60, die wel wordt omschreven als de glorietijd van Koninklijke Klokkengieterij Eijsbouts uit Asten. Met name de hoge klokken zijn uitzonderlijk dik van profiel, wat ze een warme klank geeft. Persoonlijk ben ik verliefd op dit instrument, het is een voorbeeld hoe een carillon moet klinken. Helaas wordt het nog niet zo veel bespeeld, enkel in de zomermaanden.

Kan er aan zo een instrument eigenlijk veel veranderd, aangepast, verbeterd of geoptimaliseerd worden? Voor een betere of makkelijkere manier van spelen, of technieken die je bij het spelen gebruikt?
IMG_2520_SmallEen carillon heeft geen standaard overbrengingen zoals in bv een piano. Elk instrument is anders. Nu hangen bijvoorbeeld alle klepels aan lange horizontale assen in één rek, buiten de klok, wat makkelijk is in het onderhoud maar die assen hebben natuurlijk een hoop massa om in beweging te brengen. Het speelt daardoor niet soepel. Bij de restauratie krijgt elke klok een klepel die in de klok hangt, dat gaat heel anders klinken en makkelijker spelen. De rijen met kleinere klokken worden ook anders geplaatst in de toren, waardoor de afstanden allemaal optimaal komen te liggen. Hierdoor heb je niet dat een klok een veel langere draad nodig heeft dan een andere. Dat komt allemaal de kwaliteit van de klank ten goede. Daarnaast is bepalend welk materiaal je gebruikt voor de klepels, welk gewicht ze krijgen… een zware klepel geeft een warmere klank dan een lichte klepel maar de contacttijd wordt ook langer waardoor je het risico loopt de klank weer te dempen. Daar gaan we nu de ideale balans in brengen.

Wat zijn nu jou wensen bij het opknappen van het instrument?
Toen het carillon in de jaren '60 werd geïnstalleerd was het Pancratiusplein nog relatief open. Inmiddels is er bebouwing gekomen tussen het Glaspaleis en de Schelmentoren waardoor het geluid van de klokken minder goed weg kan. Mijn grootste punt van aandacht is om het carillon in zijn geheel veel milder en zachter te laten klinken zonder dat het ten koste gaat van de dynamische mogelijkheden. Dit geldt ook voor het automatisch spel. Voorbeeldje: na verloop van tijd worden klepels platter door het slaan tegen de klok waardoor de klank steeds scheller wordt. Dat kun je oplossen door na verloop van tijd de klepels bij te vijlen, een tijdrovend en kostbaar karwei. Nu maken we klepels waarvan de bollen eenvoudig gedraaid kunnen worden waardoor het veel langer die mooie warme klankkleur houdt.
IMG_8570_Small










 
Om tot oplossingen te komen is dat alleen zaak van de klokkenfirma, in ons geval Fa. Eijsbouts in Asten, of zijn er ook andere instanties waar je mee kunt overleggen hoe het een en ander op te lossen of veranderd / verbeterd kan worden?
Je leert veel van andere restauraties, maar in dit geval hebben we ook wat nieuwe dingen uitgeprobeerd. Zo wordt er voor de verbinding tussen toets en klepel gewerkt met Dyneema draad, een product van DSM dat enorme krachten kan weerstaan.
Komen er wensen van je uit?
Met dank aan de heer Hol van de restauratiecommissie en het kerkbestuur die zich hebben ingezet voor een compromisloze restauratie zijn al mijn mogelijke wensen in vervulling gegaan. Dit wordt weer een instrument dat de standaard zet voor de toekomst!!

We zijn benieuwd wat er uit zal komen. Ongetwijfeld zullen we t.z.t. er meer van horen en wellicht te zien krijgen. Dank voor dit “gesprek” en wat je met ons wilde delen. Alle goeds.
IMG_7734_Small

Zoeken